20 x 32 cm

Korenbeelden

Gedicht

 

Een stille kamer in het graan. De wind

danst met de harde halmen. Een kind

dat zich hoog in het duizelende blauw

weer even in de eeuwigheid bevindt.

– – –

De hand gaat door de volle aren. Het goud

reikt verder dan het oog kan zien. Oeroud

gebaar van leven, ooit ontstaan uit aarde;

de kringloop van de eindigheid vertrouwd.

– – –

Symbool van macht, van volle schuren, van brood

dat door de ochtend geurt; van barre nood

want welvaart werpt een kille schaduw

van armoe, van de have nots, van de dood.